|
Een kort verhaal |
|
|
Hoewel het eigenlijk niks met toneel te maken heeft heb ik een tijdje geleden voor de gein een kort verhaal geschreven. En ach ja, waarom dan niet op internet zetten.
"Waarom?" zei Teddy, haast huilend, tegen haar moeder. "Je weet best dat het nodig is. Het is de beste oplossing. Ga nu maar." was het antwoord. Teddy wist dat ze gelijk had. Maar ja. Je er aan toegeven was een heel ander verhaal. "Je moet gaan" zei ze nog een keer zacht en gaf haar letterlijk het laatste kleine duwtje. Zo kon ze niet anders dan de deur achter haar dichttrekken. Daar stond ze dan. Op de stoep voor d'r huis. Ze zuchtte een keer diep en keek eens om zich heen. Een paar huizen verderop was de buurvrouw al weer druk aan het ramen lappen. "Ze poetst er nog een keer door" dacht ze bij zichzelf. Ze moest even lachen. "Het is dinsdag dus". Want elke dinsdag was Mevrouw Veenstra rond deze tijd al druk aan het poetsen. Ze moest verder, ook dat wist ze zelf wel, maar ze had lood in haar schoenen. Vandaag moest het dan toch gebeuren. Ze zag er geweldig tegen op. Het zat er al lang aan te komen maar ze had er niet aan gewild. Maar nu, nu was het onvermijdelijk geworden. Dit zou haar leven de komende tijd flink veranderen. En niet ten goede. Daar was ze van overtuigd. Moeder had wel aangeboden om mee te gaan maar "een meid van veertien kan toch wel alleen." had ze stoer geantwoord. "Ook goed." had ze gezegd en niet verder aangedrongen. Dat was de reden dat ze nu alleen moest. Eigen schuld, kippenbult.
Langzaam sjokte ze door de straat. Het was maar een paar honderd meter lopen naar de bushalte maar voor haar kon het niet lang genoeg duren. Zolang ze nog niet in de bus zat kon ze zelf het tempo nog bepalen. Ingestapt was er geen houden meer aan. "Zal ik met opzet de bus gaan missen?" dacht ze nog. Maar nee... dat zou te veel opvallen. Ze was nog ruim op tijd. Toch had ze het graag gedaan. Uitstel van executie zou het betekenen. Maar geen afstel. Dus geen optie. Hoewel...? Uiteindelijk bij de bushalte aangekomen was er verder niemand te bekennen. Dat was gek. Ze ging elke morgen om half negen met deze bus en altijd was hij er ook. Dat was al het hele schooljaar zo. Nu ging ze zelf vandaag niet naar school maar wel op dezelfde tijd, met dezelfde bus. Dus zou je toch verwachten dat hij er ook zou zijn. Ze keek nog een keer op haar horloge en zag wel dat ze behoorlijk vroeg was. Hij zou nog wel komen. En ja hoor. In d'r ooghoek zag ze hem. Slenterend als altijd. Maar wel heel erg cool. Vanaf het eerste moment dat ze hem had gezien was ze smoor op hem geweest. Ze durfde niet goed te kijken. Stel je voor dat ze een kleur zou krijgen. Dan was het voor hem helemaal duidelijk wat ze voor hem voelde. Nee hoor, "strak voor je uitkijken." dacht ze nog en dat deed ze dan ook. "Hallo." zei hij toen hij naast haar ging zitten op het bankje. "Hoi." was haar enige korte antwoord. Zo was het al een paar maanden. Ze had hem eigenlijk nog nooit goed aangekeken. Tenminste, niet van dichtbij. Als hij aan kwam lopen keek ze altijd wel stiekem en ook als ze in de bus zaten maar nog nooit had ze hem goed in zijn gezicht aangekeken. Ze was voor hem gevallen door zijn lopen, zijn doen. En dan die stem. Hij sliste een beetje maar dat was niet erg. Leuk zelfs. Dat maakte hem sexy. Ooit had ze nog de illusie gehad dat het wat zou worden tussen hun twee. Maar dat kon ze na vandaag wel vergeten. Ze wilde zich er zo graag bij neerleggen maar kon het niet. Ze was tot over de oren verliefd op hem. Daar kon ze ook niets aan doen. Straks, in de bus zou ze weer achter hem gaan zitten. Dat deed ze altijd. Dan keek ze wel op zijn rug maar dat nam ze voor lief. Ze was ooit eens voor hem gaan zitten en had zich de hele reis onprettig gevoeld, bekeken. Dus ging ze nu altijd achter hem zitten. Dan keek ze naar hem. Naar zijn rug weliswaar maar dat was niet erg. Dan kon ze rustig ongegeneerd en ongestoord naar hem kijken en over hem mijmeren. Terwijl ze dit allemaal overdacht hoorde ze de bus al aankomen. Die was op tijd. "Jammer." dacht ze in zichzelf. "Had hij nu maar een klapband gekregen. Dan had ik een goede smoes gehad om niet te gaan".
Piepend kwam de bus tot stilstand. Ze stond op maar bleef staan. Eerst liet ze hem instappen om even later zelf hetzelfde te doen. Ze liet haar abonnementskaart aan de chauffeur zien. Deze knikte en maakte nog de opmerking dat ze wat vrolijker moest kijken. "Zo erg is school toch niet?" Ze had geen trek om te reageren. Waar bemoeide zo'n kerel zich mee? Laat hij zijn kop houden. Daarnaast ging ze helemaal niet naar school. Dit was veel erger. Even later zat ze weer op haar vertrouwde stek. Een stoel achter hem. Ze keek en bedacht dat dit eigenlijk het moment was om hem aan te spreken. Een gesprek aan te knopen. Morgen kon het niet meer. Dan was de kans vervlogen. Even stond ze nog in twijfel en wilde hem op de schouder kloppen. Maar ze deed het niet. Angsthaas dat ze was. De bus hobbelde door. Het was rustig vanmorgen. Het bleef altijd rustig op deze lijn. Pas als ze in de stad kwamen zou het wat drukker worden. Maar zover zou ze vandaag niet gaan. Ze moest al eerder uitstappen. Ze probeerde zich te ontspannen door haar hoofd losjes mee te laten bewegen op de bewegingen die de bus maakte. Maar het lukte niet. Ze was te gespannen. Voor het eerst dit jaar was ze niet puur gefixeerd op de brede schouders voor haar. Ze had andere dingen aan d'r hoofd. Hoe het na vandaag verder moest bijvoorbeeld.
Toen de bus stopte bij de halte waar ze wezen moest stond ze op en schrok. Want ook de jongen voor haar stond op. Vreemd, hij moest zeker nog tien haltes verder om op school te komen. Hij keek haar aan. Voor het eerst, dus blijkbaar was hij ook geschrokken. "Moet sjij er hier ook uit?" vroeg hij slissend. "Ja... euh" was het enige wat ze er uit kon krijgen. Ze wilde eigenlijk snel doorlopen maar bleef staan. "Of moet sjij ook naar de tandarts?" Ze keek hem aan. "Ja... euh," was weer het antwoord. "Ik ook. Controle van mijn beugel." en hij lachte zijn tanden bloot. Ze stond perplex. Hij had een beugel! Een beugel! "Dat ish toevallig. Dat we er samen naar toe moeten" hoorde ze hem zeggen. Weer bleef ze bij een simpele "Ja... euh." steken. Hij draaide zich om en liep door het gangpad naar voren. Ze bleef nog even staan maar volgde al snel. Hoe kon het verkeren. Hij had een beugel! Dat had ze al die tijd niet gezien. En nog steeds was hij knap en daarom sliste hij dus zo. Toen ze de bus uitstapte stond hij op haar te wachten. "Kom, dan gaan we samen" zei hij. Voor het eerst keek ze echt in zijn warme ogen. "Ik krijg ook een beugel." zei ze, alsof ze er trots op was. "Leuk, dan gaan we bij de volgende controle echt samen. Wat zeg je daarvan?" antwoordde hij. "Daar houd ik je aan." zei ze stralend. "Dat lijkt me een goed idee." Dat ze een beugelbekkie kreeg, daar zat ze niet meer mee... .
Mocht je hierop willen reageren dan kan dat via Mail |
|